Kritiekpunten Nationale Jeugdorkesten Nederland (NJON) op BIS-advies Raad voor Cultuur

Op 4 juni maakte de Raad voor Cultuur zijn advies aan de minister van Cultuur over de subsidieaanvragen voor de Basisinfrastructuur 2021-2024 openbaar. Helaas oordeelde de Raad voor Cultuur negatief over onze aanvraag in de categorie Ontwikkelinstellingen. Inmiddels heeft de minister laat weten voornemens te zijn dit advies over te nemen. Uiteraard hebben wij er begrip voor dat - zeker bij de overschrijving van 72 aanvragen voor slechts 15 plekken in deze deelregeling - keuzes gemaakt moeten worden. Wij vinden het echter onbegrijpelijk dat de Raad zich op basis van een reeks onjuiste argumenten negatief uitlaat over de hantering van de Fair Practice Code, de Governance Code Cultuur en de Code Diversiteit en Inclusie door de NJON. Ook de stellingen dat de NJON ‘niet vernieuwend’ zouden zijn in de activiteiten en ‘te weinig aan educatie en participatie’ zouden doen is verbijsterend gezien de ruime onderbouwing van het tegendeel in onze aanvraag en de in vele jaren bewezen prestaties.

Wij zullen dan ook formeel bij de Raad voor Cultuur bezwaar maken tegen de feitelijke onjuistheden in het advies en om herziening en rectificatie daarvan vragen. De gevolgen van het advies zijn immers groot. Niet alleen heeft het geleid tot de voorgenomen afwijzing van onze BIS-aanvraag door de minister. Door de openbaarheid van het advies en de sturende rol en invloed van de Raad in het culturele en politieke veld, heeft het zeer schadelijke gevolgen voor onze organisatie. De onterecht negatieve indruk die de feitelijke onjuistheden bij andere financiers en partners van de NJON kan achterlaten brengt het voortbestaan van de NJON, die voedingsbodem en fundament van de sector is, in gevaar. Zie hieronder per onderdeel onze kritiekpunten op het advies van de Raad voor Cultuur:

Educatie en participatie (inclusief publieksbenadering)
Onder dit criterium staat in het advies van de Raad: “De raad vindt de activiteiten op het terrein van educatie en participatie minimaal uitgewerkt.” Een onbegrijpelijke uitspraak omdat dit de essentie is van alle NJON-activiteiten en de basis vormt van de gehele aanvraag: Ruim 380 jongeren per jaar participeren intern in uiteenlopende talentontwikkelings-/educatieprojecten waaronder projecten waarmee nog eens duizenden andere scholieren en jongeren kennismaken en ervaring opdoen met muziek. Ruim 650 jongeren per jaar nemen deel aan door NJON georganiseerde auditierondes die met coaching, ervaring en feedback ook deel uitmaken van het educatieve traject. Tegelijkertijd weten de NJON met een specifiek doelgroepenbeleid op programmerings- en marketinggebied jaarlijks 20% nieuwe bezoekers te trekken. Daarbij zijn er speciale projecten waarmee doelgroepen worden bereikt voor wie de afstand tot het live beleven van muziek normaal gesproken (te) groot is.

Even onbegrijpelijk is deze stelling van de Raad: “Leertrajecten zijn met name gericht op het collectief. Wat de talentontwikkeling van individuele deelnemers behelst, wordt onvoldoende duidelijk.” Terwijl in onze aanvraag juist het individuele traject van een talentvol muzikaal talent tot aan (pre)professional en de cruciale rol van de NJON daarin als het om ensemble- en orkestspel gaat, uitgebreid is beschreven. Dat muzikaal samenspel in groepsverband plaats vindt is evident. Bij NJON is dat echter niet in één collectief, maar vindt het in zeer diverse en afwisselende samenstellingen plaats om daarmee de individuele musici juist een zo goed en breed mogelijke voorbereiding op de beroepspraktijk te geven.

Vernieuwing
De Raad schrijft: “De raad ziet in het activiteitenplan amper vernieuwing”, maar is tegelijkertijd wel positief over verbreding van het repertoire van klassiek naar ook pop, jazz, improvisatie en nieuwe muziek. Ook schrijft de Raad: “De raad mist echter een visie van de instelling op wat haar bijdrage is aan de ontwikkeling van symfonische muziek.” Vernieuwing is bij de NJON intrinsiek verweven in de hoofddoelstelling voor talentontwikkeling: continu wordt gezorgd voor verjonging van de sector door telkens nieuwe generaties musici klaar te stomen en brede vaardigheden mee te geven.. Aanpak en activiteiten zijn continu aan vernieuwing onderhevig en worden aangepast aan alsmaar veranderende behoeften en eisen, die aan nieuwe generaties professionele musici worden gesteld en waarmee ook telkens nieuwe publieksgroepen (jaarlijks 20% nieuw publiek) worden getrokken. Daarbij lopen de NJON voorop in ontwikkeling en uitvoering van nieuwe concepten en programma’s, die bovendien ook vaak hun weg vinden naar ander podia en festivals. De NJON zorgen zo ook voor vernieuwing van aanbod in de sector en beperken zich daarbij allerminst tot alleen “de symfonische muziek”.

Fair Practice Code
De Raad schrijft: “NJON handelt wat betreft de beloning van haar musici in strijd met het uitgangspunt van eerlijke beloning”. Dit is simpelweg onjuist:

  • Alle professionals die we bij NJON-projecten inschakelen zoals musici, coaches, producenten, technici, regisseurs, choreografen (zowel vaste als tijdelijk medewerkers) ontvangen een eerlijke beloning die in verhouding staat tot hun werkzaamheden. Ook dragen we bij aan doorstroming door musici die tijdens hun studie deelnamen aan onze talentontwikkelingsprojecten na hun afstuderen - uitsluitend voor een eerlijk honorarium - uit te nodigen voor professionele projecten. Iets dat overigens bij ons al jaren gebruikelijke praktijk is en niet is ingegeven door de codes, die we daarom ook met overtuiging onderschrijven en onderdeel van ons beleid hebben gemaakt.
  • De NJON bieden een leertraject voor jonge, muzikale scholieren vanaf 14 jaar tot conservatoriumstudenten van maximaal 26 jaar. Deze deelnemers worden door middel van zeer uiteenlopende projecten bij ons voorbereid op het vak van musicus, parallel aan hun (pre)conservatoriumopleiding. Zij zijn dus nog niet afgestudeerd als professional. De Raad doet echter alsof zij gelijk zijn aan professionals en gaat voorbij aan de ontwikkelfunctie die de NJON voor hen vervullen door te stellen dat bij hun deelname aan NJON-projecten “een passende vergoeding hoort”. Hun deelname is vergelijkbaar met lidmaatschappen van sportclubs of andere verenigingen of deelname aan een (zomer)kamp. Daarbij is overigens deelname aan de meeste NJON-projecten (inclusief alle coaching, overnachtingen, catering en collectieve reizen) voor hen gratis. Voor de (maximaal twee) projecten per jaar waarvoor een deelnemersbijdrage wordt gevraagd hanteren de NJON bovendien een beurzensysteem waarmee wordt voorkomen dat eventuele financiële drempels deelname in de weg zouden kunnen staan. Een aanpak die de Raad onjuist weergeeft door algemeen te stellen dat deelnemers “voor het volgen van een leertraject een financiële bijdrage wordt gevraagd”.

Code Diversiteit en Inclusie
De Raad schrijft: “NJON onderneemt op dit terrein onvoldoende concrete acties” en “De raad mist een concreet plan om de instroom uit meer diverse groepen in de samenleving mogelijk te maken”. In de aanvraag hebben we beschreven: Deelnemers zijn in Nederland gevestigde musici vanuit alle continenten en met verschillende culturele achtergronden. Dat geldt ook voor de ingezette professionele coaches. Verschillen in o.a. geloof, afkomst of geaardheid spelen geen rol in toegang tot de NJON. Het deelnemersveld en de organisatie (inclusief Raad van Toezicht) zijn in dit opzicht veelzijdig en divers van samenstelling, maar dat is voor ons geen doel op zich. Sterker nog, wij achten het in strijd met de privacy om actief te communiceren over of te koketteren met de (variëteit in) geaardheid, ras, afkomst, politieke voorkeur of levensbeschouwing van onze musici, werknemers, leden van de Raad van Toezicht en alle andere betrokkenen, terwijl we tegelijkertijd diversiteit van harte omarmen. Iedereen is bij ons welkom, selectie vindt uitsluitend plaats op basis van talent en (passie voor) muziek staat centraal.

Naast openheid voor diversiteit binnen het eigen deelnemersveld realiseren de NJON ook projecten waarin brede toegankelijkheid en deelname van andere jongeren wordt gerealiseerd onder andere door de concrete samenwerking met “Méér muziek in de klas”, die in de aanvraag is opgenomen.

Verder stelt de Raad: “Daarbij kan de financiële bijdrage die de instelling van haar deelnemers verlangt het streven naar diversiteit en inclusie in de weg staan”. Zoals hierboven al beschreven zijn deelnemersbijdragen bij de NJON zeer beperkt en is er een beurzensysteem waarmee wordt voorkomen dat eventuele financiële drempels deelname in de weg staan. Deelname aan de meeste projecten is voor de deelnemers gratis. Dus ook in deze uitspraak herkennen wij ons niet.

Governance Code Cultuur
De Raad schrijft in zijn advies: “Uit de aanvraag blijkt dat de leden van de raad van toezicht tevens verbonden zijn aan instellingen waarmee zij samenwerkt, waardoor geen sprake kan zijn van werkelijke onafhankelijkheid.” De Raad van Toezicht van NJON heeft een samenstelling waarin een diversiteit aan achtergronden en expertises is vertegenwoordigd, zoals de Governance Code Cultuur ook voorschrijft. Naast o.a. financiële en bestuurlijke expertise is ook expertise van de sector waarvoor de NJON talentontwikkeling realiseert essentieel en logisch. De Raad van Toezicht heeft dan ook een (minderheids)vertegenwoordiging van sectorexpertise binnen zijn gelederen. Vanuit zijn rol heeft de Stichting NJON met vrijwel alle relevante partijen binnen de sector relaties. Samenwerking met instellingen waar Raad van Toezichtleden aan verbonden zijn is beperkt. Het is dus op zijn minst ongenuanceerd om te spreken over “de leden van de Raad van Toezicht” waar het een minderheid betreft en niet alle leden. De Raad van Toezicht houdt minimaal één maal per jaar een zelfevaluatie en legt in het jaarverslag verantwoording af over zijn werkwijze. Daarmee werken de NJON en de Raad van Toezicht conform de Governance Code Cultuur.

Het moge duidelijk zijn dat de NJON uitermate teleurgesteld zijn dat al deze elementen, die wel degelijk in de aanvraag en onze beleidsplannen zijn beschreven, door de Raad voor Cultuur in zijn advies aan de minister onjuist, soms eenzijdig of incompleet zijn beschreven en hiermee tot een negatief advies over opname van de NJON in de BIS is gekomen. Wij tekenen dan ook bezwaar aan bij de Raad voor Cultuur en eisen rectificatie van de onjuistheden, maar vinden het van belang ons ook in de openbaarheid te verdedigen tegen de in onze ogen onterechte kritiek. Gezien de rol en invloed van de Raad is het onterecht negatieve beeld dat in het advies over NJON wordt geschetst ook verder schadelijk voor onze organisatie en brengt het de continuïteit in gevaar.

Wij zijn overtuigd van de belangrijke functie die de Stichting NJON vervult binnen de sector en de onmisbare waarde die dat heeft voor de honderden jonge musici die wij elk jaar begeleiden in hun ontwikkeling tot volwaardig en veelzijdig inzetbare professionals. De Raad voor Cultuur onderschrijft dat gelukkig ook in zijn advies. Het belang en de essentiële rol van de NJON wordt ook onderschreven door de conservatoria, professionele orkesten en een grote diversiteit aan samenwerkingspartners én bewezen door het grote aandeel voormalige NJON-deelnemers in de professionele ensembles en orkesten. De NJON zijn de voedingsbodem en het fundament voor de hele sector. Wij blijven ons onverminderd inzetten om jong muzikaal talent te begeleiden op hun weg naar een professionele carrière en om ons publiek te bedienen met een grote diversiteit aan voorstellingen, zowel in de huidige door corona-crisis beïnvloede situatie als daarna.

____________________________________________________________________________________________
Voor vragen over dit bericht mail ons via info@njon.nl of (voor pers) neem contact op met ons hoofd communicatie, Voline van Teeseling, voline@njon.nl of 06-53164353.